Exodus: Gods and Kings (Ridley Scott, 2014)
●●○○○
De tweede bol is alleen voor de tien plagen, die lekker spectaculair worden opgediend in een mooie montagesequentie: rampspoed op z'n best. De rest van de film is helaas één doffe ellende. Mozes is een zielloze guerrillastrijder, de farao bezigt teksten die Jeroen Dijsselbloem ook zou kunnen spuien ("Dat is alleen al vanuit een economisch standpunt onmogelijk") en God wordt gespeeld door een houterig jongetje. Over creatieve armoe gesproken. Als ik dat nog één keer zie in wat voor film dan ook – een goddelijke figuur of deus ex machina verbeeld als snotjoch – dan loop ik de zaal uit. Beloofd.
The Beach (Danny Boyle, 2000)
●●○○○
Ik heb het boek van Alex Garland niet herlezen, maar ik meen me toch te herinneren dat het interessanter was dan dit. Een doorvoelde aanklacht tegen de genotszucht van het backpacktoerisme wil Danny Boyles versie namelijk maar niet worden. De camera's blijven vooral hangen bij het ontblote bovenlijf van Leonardo DiCaprio, die hier nog acteert als een tienermeisje: hysterisch en met veel geschreeuw. Door de halfnaakte lijven, kitscherige beelden en opdringerige elektronische muziek lijkt The Beach uiteindelijk meer op een reclame voor GOGO Tours Thailand. Dat kan onmogelijk de bedoeling zijn geweest.
Into the Woods (Rob Marshall, 2014) ●●●○○
Het concept van de oorspronkelijke musical is best leuk: gooi wat sprookjes door elkaar en vertel na het 'lang en gelukkig' nog even door. Raponsje wordt geplet door een reuzin, Assepoesters prins gaat vreemd, et cetera. Helaas haalt deze Disney-variant de scherpe kantjes eraf en blijft het allemaal wat toneelmatig. Kun je in het theater best een personage minutenlang laten zingen over zijn of haar zielenroerselen, in de bioscoop wordt dat toch echt te langdradig – zeker als je er op het filmische vlak verder niets mee doet. Heks Meryl Streep is genomineerd voor een Oscar, ook al heeft bakkersvrouw Emily Blunt er in dit geval meer recht op.



Geen opmerkingen:
Een reactie posten