Gone with the Wind (Victor Fleming, 1939)
●●●○○
Gone with the Wind afficheert zich als een epos over het 'verloren Zuiden' van voor de burgeroorlog, maar gaat eigenlijk over de afstraffing van Scarlett O'Hara, een bloedmooie maar egocentrische dame die de goeiige Ashley Wilkes en de gladjanus Rhett Butler genadeloos aan haar grillen onderwerpt. Let wel: het temmen van de feeks duurt maar liefst vier (!) uur, en de bak ellende die Scarlett over zich heen krijgt is zo overdadig dat ik bij de dood van haar dochter moest huilen van het lachen. Ook hilarisch zijn de heerlijk stereotype slaven, die natuurlijk alleen worden geslagen als ze het ook écht verdienen.
The Revenant (Alejandro González Iñárritu, 2015)
●●●○○
Regisseur Alejandro González Iñárritu haalt alles uit de kast om te imponeren. De spectaculaire cinematografie, de verbluffende special effects, de adembenemende locaties, Leonardo DiCaprio's gekwelde gezicht: alles is tot op de millimeter uitgedacht. Maar tegen de tijd dat Leo naakt in een uitgehold paardenkarkas kruipt om warm te blijven – ontbering nummer zoveel – is The Revenant een soort parodie op de slechte survivalprogramma's van Discovery Channel geworden. Al dat gegrom en gekreun is heus geen Oscar waard, en dit zielloze wraakepos loopt ten slotte leeg als een piepend luchtballonnetje.
Arrival (Denis Villeneuve, 2016)
●●●●○
Je zou denken dat het onmogelijk is, een originele film maken over onze eerste ontmoeting met aliens. Denis Villeneuve flikt 't hem door het nu eens niet te laten draaien om een invasie, maar om de vraag hoe we elkaar in vredesnaam zouden kunnen begrijpen. Hoofdpersoon is Louise Banks, een taalkundige die zonder enig referentiekader contact moet leggen met de wezens die plotseling opduiken in hun ovaalvormige schepen. Wat willen ze precies op aarde? Omdat die vraag uiterst ingewikkeld is als je nagenoeg niets met elkaar deelt, blijft het steeds razend spannend. Knappe, verstilde ode aan het wonder van taal.



Geen opmerkingen:
Een reactie posten