The Devil Rides Out (Terence Fisher, 1968)
●●●○○
Klassieke horrorfilm van Hammer waarin twee onberispelijke Britse heren proberen de zoon van een oude vriend te redden van een groep satanisten. De film bouwt geraffineerd een sinister sfeertje op. Helaas moet het duveltje op een bepaald moment wel uit het trukendoosje komen, en dat is precies het moment waarop de film op de lachspieren gaat werken. Een slecht geschminkte geitenkop, een "reuzenspin" die duidelijk iets minder groot is dan men pretendeert, een Engel des Doods met een soort theedoek voor zijn gezicht — daar helpt zelfs de gravitas van Christopher Lee niet tegen. Tijd voor een remake.
Voleurs de chevaux (Micha Wald, 2007)
●●●○○
Oost-Europa, 1810. De broers Roman en Elias stelen de paarden van twee andere broers, de kozakken Jakub en Vladimir. Een bloederige wraaktocht volgt. De debuutfilm van de Waalse regisseur Micha Wald is rauw en doet eerder mythisch dan historisch aan. De primaire kracht van de broederliefde — soms helend, dan weer vernietigend — wordt visueel sterk verbeeld door de verlaten landschappen. Waar het wellicht aan ontbreekt, is concentratie. De film kabbelt net iets te vaak genoeglijk voort en mist daardoor spanning. Wie met zo'n film debuteert, hoeft zich evenwel nergens voor te schamen.
The Red Riding Trilogy (Julian Jarrold, James Marsh & Anand Tucker, 2009)
●●●○○
Film-noir-epos over moord, samenzwering en corruptie in Yorkshire. Je hebt het allemaal wel eens eerder gezien, maar de naargeestige Noord-Engelse omgeving en het verzorgde spel maken de trilogie desondanks de moeite waard. De plots van de eerste twee delen, 1974 en 1980, zijn wat lastig te volgen. Dat beide films consequent de aandacht van het moordonderzoek naar de relatieperikelen van de hoofdrolspeler verleggen helpt daar niet bij. 1983, het sluitstuk, is het meest geslaagd: de puzzelstukken vallen eindelijk op hun plek. Bovendien zet Mark Addy (Robert Baratheon in Game of Thrones) de beste, meest menselijke hoofdrol neer.



Geen opmerkingen:
Een reactie posten