maandag 3 november 2014

Filmdagboek (24)


Lady and the Tramp (Clyde Geronimi, Wilfred Jackson & Hamilton Luske, 1955)

●●●●○

Ik ben vast wat sentimenteler over Lady and the Tramp omdat ik zelf een hond heb, maar wat een zoete film is dit toch. Twee uitermate schattige hondjes worden verliefd in het perfecte jarenvijftigdorpje: aangeharkte gazonnetjes, witte tuinhekjes en rode brandkranen. Omdat de een een schoothond en de ander een zwerfhond is, moeten ze natuurlijk wat obstakels overwinnen. Tussendoor zingt Peggy Lee een paar fantastische liedjes. De Siamese katten in de film hebben lang geleden mijn beeld van katten voorgoed verpest. Gemene secreten die bij hun goedgelovige eigenaars de vermoorde onschuld uithangen, dat zijn het. Allemaal.


The Name of the Rose (Jean-Jacques Annaud, 1986)

●●●●○

Jean-Jacques Annaud en Umberto Eco wilden in eerste instantie niet dat Sean Connery de rol van William of Baskerville zou spelen: James Bond als franciscaner monnik, dat kon natuurlijk niet. Gelukkig laat Connery met zijn nuchtere spel zien dat regisseurs en romanschrijvers ook niet altijd de wijsheid in pacht hebben. De film mist weliswaar de filosofische inslag en de literaire speelsheid van het boek, maar het moordmysterie en de duistere sfeer bieden genoeg vertier om dat gemis niet te voelen. Als ik me de middeleeuwen voorstel, dan zien ze er zo uit: desolate abdijen, grijze luchten, morsige binnenplaatsen en handschriften bij kaarslicht.


The Poseidon Adventure (Ronald Neame, 1972)

●●●○○

Een cruiseschip met Leslie Nielsen als kapitein – dat kan niet goed gaan, denk je dan. En inderdaad, bij het eerste de beste zeebevinkje ligt het schip al ondersteboven. Gelukkig is de rebelse priester Gene Hackman bereid om een groepje overlevenden naar buiten te loodsen. Dit doet hij vooral door hard te schreeuwen, want ja, we mogen natuurlijk niet vergeten DAT HET ALLEMAAL HEEL URGENT IS. De vrouwen in het gezelschap hebben slechts twee functies: hysterisch bang zijn en door nauwe gangen kruipen in hun hotpants of slip. U mag zelf raden of de enige uitzondering, een corpulente oma, het overleeft. Ik verklap niks.

Geen opmerkingen: