donderdag 16 oktober 2014

Altijd wel iets te zeiken


Floor de Goede, Dansen op de vulkaan (Amsterdam: Oog & Blik│De Bezige Bij, 2012).

●●●●○

Floor de Goede (1980) is een Amsterdamse striptekenaar die sinds 2004 een dagelijkse autobiografische strip tekent op doyouknowflo.nl. Dansen op de vulkaan uit 2012 is zijn eerste graphic novel.

Een dertiger uit Amsterdam die zijn eigen leven als onderwerp kiest: als het over een romanschrijver ging, zouden al mijn alarmbellen afgaan. De literaire navelstaarderij van mijn generatiegenoten in de hoofdstad is namelijk dodelijk vermoeiend en moet met wortel en tak worden uitgeroeid. Bij Floor de Goede (kortweg 'Flo' in de strip) kan ik het autobiografische aspect gek genoeg wél hebben, en ik denk dat dat door zijn medium komt. Alleen al de vorm van de strip zorgt voor afstand: de werkelijkheid wordt geabstraheerd, vertekend, in kaders geplaatst, opnieuw ingekleurd. Het beeld dat ontstaat laat meer ruimte aan de lezer dan een klassiek egoverhaal; er is meer creatief werk aan te pas gekomen.

Gekke benaming eigenlijk, dat 'graphic novel'. Een roman draait immers om het (geschreven) woord, een strip om het (getekende) beeld. Waar is die kwalificatie 'novel' voor nodig? Met een graphic novel wordt meestal een dik stripboek bedoeld dat volwassen thema's behandelt. De term zegt dus alleen iets over lengte en onderwerpkeuze. Qua vorm is er geen fundamenteel verschil met het gewone stripboek. 'Graphic novel' is vooral een marketingterm die het stripboek moet ontdoen van zijn puberale imago. Verwacht geen plaatje-plaatje-punchline, geen superhelden of ridders, geen vrouwen met dikke tieten in strakke pakjes, beste lezer — deze strip kunt u zonder schaamte op de literatuurplank zetten.

In Dansen op de vulkaan laat De Goede verschillende fases in een jarenlange relatie zien. Hij gebruikt daarvoor een heldere, kleurrijke en nadrukkelijk 'schattige' tekenstijl, wat de impact van het (wel degelijk serieuze) verhaal nog groter maakt. Schattige stripfiguurtjes hebben doorgaans immers geen échte relatieproblemen. Als ze al problemen hebben, dan zijn die problemen komisch bedoelde obstakels: we lachen erom in de wetenschap dat het uiteindelijk toch wel goed komt. Ook al koestert tante Sidonia een onbeantwoorde liefde voor Lambik, we weten dat ze elkaar nooit in de steek zullen laten. Dansen op de vulkaan is eerder een romantisch drama. Natuurlijk valt er regelmatig wat te lachen, maar de zekerheid van een goede afloop is er niet. Omdat De Goede heel filmisch kadreert en weinig dialoog gebruikt, weet hij allerlei onderhuidse emoties mooi in beeld te vangen.

Dansen op de vulkaan bestaat uit drie delen en een epiloog. In deel een gaat Flo na drie jaar samenzijn voor het eerst op vakantie zonder zijn vriend Bas. Al snel ontstaat er irritatie tussen Flo en zijn reisgenoot Sander, die een reportage maakt over de Eolische eilanden. Sander snurkt, laat het raam open zodat er muggen binnenkomen, wil steeds duur uit eten en sleept Flo mee een vulkaan op terwijl die laatste liever wil relaxen. Flo chagrijnt wat af en verpest zo ook Sanders reis: doordat hij verschrikkelijk heimwee heeft naar Bas kan hij zich niet meer positief opstellen. De mooiste pagina is die waarop Flo stiekem Bas belt op de wc van een restaurant. Helaas voor hem staat Bas in de kroeg. Terwijl Flo probeert uit te leggen hoe ellendig hij zich voelt, zinkt hij steeds dieper weg in een hoekje van het kader. Het gemis, de afstand en de eenzaamheid zijn voelbaar in iedere lijn.

In deel twee is Flo weer thuis bij Bas in Amsterdam, maar nu zorgt een mysterieuze huisvriend voor opschudding. Tom gaat mee stappen, blijft regelmatig op de bank slapen en staat soms zelfs midden in de nacht voor de deur om uit te huilen. Bas en Flo bekommeren zich om hem en voelen zich allebei tot hem aangetrokken. Het verlangen naar Tom staat in schril contrast met de routine en de sleur van hun eigen relatie. Tom kloot echter aan met Jan en alleman, waardoor vooral Flo jaloers wordt. Bas kan Flo deels begrijpen, maar pikt hij uiteindelijk diens gevoelens voor Tom?


Het derde deel gaat over Flo's reis naar New York, waar hij logeert bij Jasper en zijn zusje opzoekt. Dit keer voelt hij nauwelijks heimwee naar Bas. Sterker nog, hij is stikjaloers op Jasper, die iedere avond een andere jongen mee naar huis neemt. De vraag die boven dit deel hangt, is of Flo de verleidingen van New York kan weerstaan — of, beter nog, of hij ze eigenlijk wel wíl weerstaan.

Alle drie de delen gaan over fysieke en emotionele afstand in een relatie, en hoe daarmee om te gaan. Zorgt afstand juist voor meer verlangen, voor rusteloosheid en gemis of voor een gevoel van opluchting en vrijheid? Dat lijkt een vrij banaal gegeven, maar omdat De Goede weinig uitlegt en vooral visueel denkt voelt het boek nergens te gewoontjes. Een fijn aspect van Dansen op de vulkaan is bijvoorbeeld dat Flo alle ruimte geeft aan zijn vreemde en soms wat lugubere fantasieën: een eiland komt opeens als een monster omhoog uit de oceaan, cactussen die door een gaashek groeien worden jammerende kampslachtoffers en de vingerplant in zijn huiskamer komt tot leven om hem te wurgen. Ook het motief van de vulkaan komt steeds terug, als metafoor voor een relatie die op springen staat. Door deze en andere visuele ingrepen wordt het liefdesverhaal gelukkig nergens clichématig.

De epiloog is ambigu. We zien hoe Bas de verschillende episodes heeft beleefd. Klopt het zoals De Goede dat weergeeft, of is het eerder Flo's angstfantasie over wat Bas precies deed als hij er zelf niet bij was? We hebben al gezien dat Flo behoorlijk paranoïde kan zijn. Zoals de waard is, vertrouwt hij zijn gasten?

Als ik een kritiekpunt heb, is het dat 't wat mij betreft nog wel een graadje gekker had gemogen. De werkelijkheid en Flo's fantasieën hadden meer door elkaar mogen lopen, zodat het moeilijker was geweest om een onderscheid te maken. Juist de slechte trekjes van Flo (zijn chagrijn, paranoia, fatalisme en angst) geven dit verhaal zijn angel. De Goede mag zich in zijn volgende graphic novel wat meer laten gaan. Ik heb het gevoel dat hij nog net iets dieper in de donkere hoeken van zijn geest zou kunnen doordringen — en hoe schaamtelozer hij is, hoe beter zijn werk.

Hoe dan ook is Dansen op de vulkaan een absolute aanrader. Laten we hopen dat het een voorbode is van nog meer moois.

Geen opmerkingen: